Schmorl’s huidziekte of
vergiftigingssyndroom door
Fusobacterium necrophorum
Esther van
Praag, Ph.D.
MediRabbit.com wordt uitsluitend gefinancierd door gevers.
Elke donatie, ongeacht hoe groot, wordt gewaardeerd en zal helpen bij de voortzetting van het onderzoek van de medische zorg en de gezondheid van konijnen.
Bedankt
|
Deze huidziekte is voor het eerst beschreven in 1891,
door Schmorl. Hij noemde de bacterie in die tijd Strepothrix cuniculi;
tegenwoordig heet deze Fusobacterium necrophorum. In zeldzame gevallen
kan de ziekte ook door F. nucleatum veroorzaakt worden. De ziekte van Schmorl komt zelden voor, en kan zowel
bij dieren als bij mensen voorkomen. Fusobacterium sp. is een anaerobisch, gramnegatieve bacterie die geen sporen vormt.
Bij konijnen behoort deze bacterie tot de normale darmflora. Het wordt
vermoed dat de ziekte komt door het eten van blindedarmkeutels, omdat zowel
onderhuidse- als huid ontstekingen vooral rond de kop en de hals te vinden
zijn. In enkele gevallen is de bacterie ook gevonden bij tandwortel
ontstekingen. Deze huidziekte wordt veroorzaakt door slechte hygiëne en
huisvesting, en komt onafhankelijk van seks, leeftijd en/of ras voor. The disease is associated to poor hygiene, and
husbandry, and is independent from the sex, the age or the breed of a rabbit.
Further sporadic causes for the disease are: • Ptyalism due to dental problems, like malocclusion or
tooth root problems; • Panting,
related to a environment with high temperatures or
respiratory distress (dyspnea); • Inappropriate
drinking tools, like a leaking water bottles, or an oversized dewlap getting
wet while drinking; • Cages without rust and sharp edges.
Klinische verschijnselen en
diagnose
Het
vergiftigingssyndroom wordt gekentekend door gezwellen, ontstekingen en plaatselijk
afsterven van onder- en opperhuid. De wonden worden voornamelijk rond de kop
en de hals gevonden, in enkele gevallen kunnen ook de voetzolen geïnfecteerd
worden. In enkele
gevallen kunnen de abcessen zich inkapselen. De wond kan zich onder de huid
verspreiden, en daarbij dieper liggend weefsel of botten infecteren. Als de bacterie in het bloed
komt, kunnen ook andere organen aangestoken worden, die opnieuw een
plaatselijke afsterven van weefsel veroorzaken. Bi konijnen,
die chronisch aan het vergiftigingssyndroom door Fusobacterium spp. leiden,
ontbreekt het vaak aan eetlust waardoor ze verzwakken. Behandeling
Een besmetting door Fusobacterium
sp. is moeilijk te genezen en de wonden neigen terug te komen, zodra de
antibiotische behandeling gestopt wordt. The abscesses and necrotic tissue
must be excised surgically. De wonden moeten met
povidonejodium schoongemaakt worden; de abcessen en het afgestorven weefsel
worden het beste chirurgisch verwijderd. Deze behandeling kan echter niet
worden gedaan wanneer meerdere abcessen aanwezig zijn, of wanneer het bot
aangetast is (b.v. osteomyelitis). In die gevallen, is het aangeraden, de
holte met een met antibiotica geïmpregneerde “spons” te vullen. Verschillende methodes
kunnen tegenwoordig toegepast worden: •
permanente plaatsing van antibiotica
geïmpregneerde PMMA parels, •
tijdelijk vullen met antibiotica
geïmpregneerde gelatinespons (b.v. GelFoam®, Surgicel®). Het vulsel moet
dagelijks, of om de dag, worden ververst, om het afsterven van omliggende weefsel
te vermijden. •
tijdelijke vullen met nat-tot-droog
(wet-to-dry) hygroscopische en bacteriënvernietigende suikervulling (b.v. 50%
dextrose, manuka of gesteriliseerde (g-bestraalde) honing). De vulling moet dagelijks ververst
worden, om het afsterven van het omringende weefsel te vermijden. De laatste
mogelijkheid biedt het voordeel dat het de scherp ruikende lucht van ammoniak
en sulfaat producten, die door de bacteriële degradatie van serum of
celproteïnen vrij komt, tegen te gaan. Antibiotica zoals: penicilline,
cephalosporine, chloramphenicol en tetracyclines, hebben zich efficiënt
getoond. Wanneer beendermergontsteking wordt geconstateerd, is het
systematisch geven van antibiotica noodzakelijk. The fur around the
lesions is carefully clipped and wounds are cleaned with an antiseptic
solution. The treatment must be accompanied by parenteral administration of
antibiotics like penicillin, cephalosporin, chloramphenicol, tetracycline or
metronidazole. Due to its good penetration of the bone, cephalosporin’s is
the antibiotic of choice when the bone is affected. Infection by Fusobacterium
sp. is generally difficult to treat and tends to return as soon as the
antibiotic treatment is stopped. To minimize recurrence the causes should be
looked for and corrected.
Verdere informatie
Crociani F, Biavati B, Castagnoli
P, Matteuzzi D. Anaerobic ureolytic bacteria from caecal content and soft
faeces of rabbit. J Appl Bacteriol.
1984; 57(1):83-88. Garibaldi
BA, Moyer C, Fox JG. Diagnostic
exercise: mandibular swelling in a rabbit. Lab Anim
Sci. 1990; 40(1):77-78. Hofstad T, Sveen K. Endotoxins of
anaerobic gram-negative rods. Scand
J Infect Dis Suppl. 1979; (19):42-45. Kanoe M, Toyoda Y, Shibata H, Nasu
T. Fusobacterium necrophorum
haemolysin stimulates motility of ileal longitudinal smooth muscle of the
guinea-pig. Fundam Clin Pharmacol.
1999; 13(5):547-554. Licois D. Tyzzer's disease. Ann Rech Vet. 1986;17(4):363-386. Nakajima
Y, Ueda H, Takeuchi S, Fujimoto Y. The effects of Escherichia coli
endotoxin as a trigger for hepatic infection of rabbits with Fusobacterium
necrophorum. J Comp Pathol.
1987; 97(2):207-215. Ormerod D, Koh K, Juarez RS,
Edelstein MA, Rife LL, Finegold SM, Smith RE. Anaerobic bacterial endophthalmitis
in the rabbit. Invest Ophthalmol Vis Sci. 1986;
27(1):115-118. Seps SL, Battles AH, Nguyen L, Wardrip CL, Li X.
Oropharyngeal Necrobacillosis with Septic
Thrombophlebitis and Pulmonary Embolic Abscesses: Lemierre's
Syndrome in a New Zealand White Rabbit. Contemp Top
Lab Anim Sci. 1999; 38(5):44-46. Tyrrell
KL, Citron DM, Jenkins JR, Goldstein EJ. Periodontal bacteria in rabbit
mandibular and maxillary abscesses. J Clin Microbiol. 2002; 40(3):1044-1047. Ward GS, Crumrine MH, Mattloch JR. Inflammatory exostosis and abscessation associated with Fusobacterium nucleatum in a rabbit. Lab
Anim Sci. 1981;
31(3):280-281. |
e-mail: info@medirabbit.com